Automotive nieuws, achtergronden en opiniestukken

Plus Telefoneren met Theo | 'Natuurlijk willen echte schadeherstellers geen dealer als voorzitter'

Theo Mulder laat zijn licht schijnen over de onrust bij LKQ, de financiële situatie bij Hedin, gebruikte onderdelen, de nieuwe voorzitter van Bovag Schadeherstelbedrijven, de pseudo-eindheffing en de ANWB.

Telefoneren met Theo | 'Natuurlijk willen echte schadeherstellers geen dealer als voorzitter'
Mulder: 'Als ik vroeger bij een vergadering van schadebedrijven vertelde dat ik ook dealer was, dan keken ze me aan alsof ik Rwanda had overvallen.'
– 5 min lezen

Deel dit artikel

Theo Mulder was veertig jaar lang Volvo-dealer. Hij verkocht zijn bedrijf aan Van Mossel om zich daarna te richten op het dealerschap van KGM (voorheen SsangYong) en zijn schadebedrijf. Op geheel eigen wijze voorziet hij het nieuws regelmatig telefonisch van duiding. Deze keer blijkt vooral de voordracht van Bert de Kroon als voorzitter van Bovag Schadeherstelbedrijven een gevoelige snaar te raken.

Ik was bij het relatie-event van ARN. Daar werden verschillende initiatieven gepresenteerd om het gebruik van gebruikte onderdelen te stimuleren. Jij hebt een schadebedrijf, hoe kijk je daarnaar?
“Dat gebeurt bij ons in de plaatwerkerij natuurlijk ook al. Er zijn ook verzekeringsmaatschappijen die het zeer op prijs stellen als je daar extra moeite voor doet. Ik denk dat er bij de demontagebedrijven nog meer specialisatie moet komen. Dat ze niet iedere auto opkopen om te slopen, maar zich bijvoorbeeld op één merk richten."

Het probleem is nu dat gebruikte onderdelen bestellen vaak meer moeite kost dan nieuwe onderdelen. De initiatieven, zoals Gupshop, moeten ervoor zorgen dat bestellen, leveren, garantie en retourneren straks net zo makkelijk gaan als bij nieuwe onderdelen.
“Daar is zeker wat voor te zeggen. En zolang het Europese auto's blijven, gaat het goed. Maar als al die Chinezen komen, moeten we misschien wel weer twintig jaar wachten voordat die onderdelen beschikbaar komen. Als die auto's überhaupt komen en verzekerd kunnen worden.”

Bij nieuwe merken worden soms complete auto's geïmporteerd om ze vervolgens uitsluitend als onderdelenvoorraad te gebruiken.
“Ja, dat heb ik bij Lynk & Co ook meegemaakt. Die leverden destijds twintig of vijfentwintig auto's aan de Nederlandse schaatsploeg, die ze sponsorden. Of wij die konden onderhouden. Natuurlijk, zei ik, maar hoe kom ik aan onderdelen? Nou, toen zetten ze drie auto's bij ons neer die we helemaal uit elkaar konden halen. Daar konden we dus mooi onze onderdelen vandaan halen. Overigens viel de kwaliteit van die auto's me behoorlijk mee.”

Misschien kunnen die gebruikte onderdelen LKQ nog een beetje helpen. Daar hebben ze inmiddels de wereldwijde CEO en de Europese topman vervangen. Volgens jou heeft de topman zijn derde envelopje geopend, toch?
“Ja, en toen vroeg hij zeker of hij weer drie nieuwe enveloppen voor zijn opvolger moest schrijven (lacht, red.). Maar ik zei je een paar weken geleden al dat het daar rommelde. En nu zijn er ineens twee topmannen weg en komen er nieuwe mensen. Er is meer aan de hand dan wij denken.”

In Duitsland heeft LKQ enorme problemen met de implementatie van een nieuw ERP-systeem. Daar zit het grootste probleem.
“Dat vind ik dus mooi. Ze hebben een computersysteem dat gewoon draait en werkt, maar nee, er moet weer iets nieuws komen. Ze bedenken vervolgens iets nieuws waarmee ze een heel bedrijf in gevaar brengen. Dan denk ik: is er niemand die daar van te voren even over nadenkt?”