Automotive nieuws, achtergronden en opiniestukken

Pseudo-eindheffing

Plus De pseudo-eindheffing wordt met iedere uitleg van de staatssecretaris onbegrijpelijker

Fiscalist Etienne Stevens volgde afgelopen dagen de debatten over de pseudo-eindheffing. Hij vraagt zich inmiddels af: snapt de staatssecretaris wel waar hij het over heeft?

De pseudo-eindheffing wordt met iedere uitleg van de staatssecretaris onbegrijpelijker
Stevens: 'Dus grotere verhuurders mogen wel harder worden geraakt? Hoe krijg je het bedacht.'
– 6 min lezen

Deel dit artikel

Ik heb het al veelvuldig gezegd: de pseudo-eindheffing is broddelwerk. Van een kabinet dat de mond vol heeft van minder regeldruk, zou je mogen verwachten dat het zulke regelgeving niet maakt of weer intrekt. Maar voor het klimaat mag kennelijk alles, ook het Nederlandse mkb opzadelen met nog meer regels.

Ook Kamerleden vragen zich af waarom de heffing niet gewoon wordt beperkt tot auto’s die permanent aan werknemers ter beschikking worden gesteld. Geen enkele werkgever die goed bij zijn hoofd is, maakt immers extra kosten om een werknemer onnodig een niet-elektrische auto mee te geven.

Staatssecretaris van Financiën Eelco Eerenberg beantwoordt die vragen in de nota naar aanleiding van het verslag bij Overige Fiscale Maatregelen 2027. Wie daarin hoopt op begrip voor de praktijk, komt bedrogen uit. Zijn uitleg maakt vooral duidelijk hoeveel nieuwe problemen de uitzonderingen opleveren.

Eerst invoeren, daarna toetsen

Eerenberg geeft aan dat de mkb-toets voor de uitzonderingen op de pseudo-eindheffing voor fossiele personenauto’s in 2027 wordt uitgevoerd. Die moet uitwijzen of de uitzonderingen in de praktijk werkbaar zijn. De uitkomsten van deze toets staan bij voorbaat vast. Want of die uitzonderingen werkbaar zijn, is in 2027 niet vast te stellen. Dat zal pas blijken in 2029 en 2030, als werkgevers onverwacht met de pseudo-eindheffing worden geconfronteerd.

Bijvoorbeeld omdat bij een controle door de Belastingdienst duidelijk wordt dat een medewerker in 2027 een tijdelijk ter beschikking gestelde auto na negen dagen heeft ingeleverd bij een verhuurbedrijf, in plaats van binnen zeven dagen. Of omdat de reparatie van een elektrische auto twintig dagen heeft geduurd en de vervangende auto dus twintig dagen is gebruikt, in plaats van maximaal veertien dagen.

Het gevolg? Een naheffing loonbelasting, omdat de pseudo-eindheffing wel degelijk van toepassing blijkt te zijn. En dan mag je als werkgever hopen dat het bij die 1 procent blijft en er niet ook een boete wordt opgelegd. Uiteraard komt daar nog belastingrente bij.

Zo'n beetje ieder bedrijf in Nederland kan beter maar tijdig zijn administratie op orde brengen, betoogde Patrick Kavelaars vorige week al.